.....                    
                       
                       
         












   

.

                       
                     

   






               
 
 
                         
                           
                           
     

                           

inleiding


 
Inleiding
Afstamming
Jeugd
Het begin als toneelschrijver
Het vervolg als romancier
Ballingschap
Terugkeer naar parijs
Reizen
De laatste jaren
Literaire kritiek
Verspreiding
Geraadpleegde literatuur




Wat voor de Nederlandse schilderkunst
de Gouden Eeuw
was, is voor de Europese literatuur
de negentiende eeuw
geweest. In die tijd beleefde
het verhalend proza
een ongekende bloeiperiode,
zowel qua vorm
en inhoud,
als naar het ontstaan
van genres en de
mogelijkheden
tot massaverspreiding.
Maatschappelijke en technische
ontwikkelingen hebben
daaraan bijgedragen.
Grote delen van
de bevolking waren intussen
de kunst van het lezen
machtig, de levensstandaard steeg
en nieuwe technieken maakte
het drukwerk betaalbaar.
Kortom, de lezersmarkt was groter
en dynamischer dan ooit.
Vrijwel ieder tijdschrift
en dagblad publiceerde bij wijze
van klantenbindertje een feuilleton.
Abonnementen waren nog
niet gangbaar.
De inkomsten van de
dagbladpers kwamen voornamelijk
uit de losse verkoop.
Iedere aflevering moest
daarom aansporen tot de koop
van het volgende nummer.
De uitgeverijen fungeerden vaak als
opdrachtgever van de populaire schrijvers
en verlangden romanfeuilletons
met een intrigerende
en spannende verhaallijn.




Alexandre Dumas

De negentiende eeuw
heeft vele schrijvers voortgebracht die
heden ten dage nog tot de
wereldliteratuur gerekend
worden en waarvan
belangrijke werken
ooit als feuilleton
het levenslicht aanschouwde
(b.v. Charles Dickens, Conon Doyle,
Fjodor Dostojefski, Alexandre Dumas,
Victor Hugo, en in Nederland
Louis Couperus).

Alexandre Dumas is een belangrijke
exponent van de negentiende
eeuwse literatuur. Zijn toneelstukken waren
vernieuwend, zijn romans in het genre
trendsettend en zijn
reisbeschrijvingen opzienbarend.
Zijn complete oeuvre bestaat uit meer
dan 400 werken: toneelstukken,
avonturenromans, historische romans,
novellen, reisbeschrijvingen,
biografieën en
een kookboek. Daarnaast
verscheen een onafzienbare
reeks causerieën en
artikelen van zijn hand
(gepubliceerd in
o.a. zijn eigen dagblad).

     

                           

afstamming


   
Inleiding
Afstamming
Jeugd
Het begin als toneelschrijver
Het vervolg als romancier
Ballingschap
Terugkeer naar parijs
Reizen
De laatste jaren
Literaire kritiek
Verspreiding
Geraadpleegde literatuur

De grootvader van Alexandre
Dumas, de Franse markies
Alexandre Antoine Davy
de la Pailleterie,
vertrok in 1760 naar het Antilliaanse
eiland San Domingo
om daar als plantagehouder
zijn geluk te beproeven. Uit een
verbintenis met de Creoolse
slavin Marie Cesette Dumas
wordt in 1762 een
zoon geboren,
Thomas Alexandre.




geboortehuis van
Thomas Alexandre
op de plantage
te San Domingo


In 1772 sterft Marie Cesette. Enige
jaren daarna besluit de markies
terug te keren naar Parijs en
het Franse hofleven.
Het adellijke Parijse leven bevalt de
achttienjarige Thomas Alexandre
niet, en als zijn vader
hertrouwt besluit hij onder de
naam van zijn moeder in dienst
te treden.




Thomas
Alexandre
Dumas
                     
                  Eenmaal tot
luitenant-kolonel
opgeklommen
treedt Thomas

Alexandre
Dumas
in het

huwelijk

met
Marie
Louise

Labouret.



Marie Louise Labouret
 

 


   





























         

In de loop van de Franse Revolutie
wordt hij tot brigadegeneraal
bevorderd en dient
onder generaal Napoleon.
Tijdens een onfortuinlijke
reis wordt hij in Italië
door de Bourbons
gevangen genomen. Na
de wapenstilstand in 1801 keert
hij terug naar
zijn huis in Villers-Cotterêts
(een dorpje tussen Parijs en de

Belgische grens).




generaal Thomas
Alexandre Dumas

Hij leeft in onmin met de
inmiddels tot keizer
gekroonde Napoleon en keert
niet meer terug
in actieve dienst.

In 1802 wordt zijn zoon
Alexandre Dumas geboren.
De trotse vader schrijft
in een brief aan
een vriend: 'gisteren is mijn vrouw
in alle vroegte bevallen
van een ferme zoon.
Hij weegt negen pond en
is achttien duim lang. Wanneer
hij hierbuiten net zo
hard groeit als
daarbinnen, dan belooft
het nog een aardig figuur te worden'.
Hij besluit de brief met
een postscriptum: 'Ik heb de brief
weer geopend om
je mede te delen
dat de deugniet zojuist over
zijn eigen kop heeft gepist.
Een goed voorteken, niet waar?'.



























































geboortehuis van
Alexandre Dumas
   
           
                       

                           

jeugd

 
   



 

Vier jaar later sterft de
generaal aan de slopende gevolgen
van zijn Italiaanse
gevangenschap.
Als de kleine Alexander verneemt
dat 'God zijn vader tot zich heeft
genomen' grijpt hij een geweer
dat tweemaal zo lang is
als hij zelf en beklimt
de huistrap, op weg
naar de hemel om zijn vader
te wreken.


Inleiding
Afstamming
Jeugd
Het begin als toneelschrijver
Het vervolg als romancier
Ballingschap
Terugkeer naar parijs
Reizen
De laatste jaren
Literaire kritiek
Verspreiding
Geraadpleegde literatuur
   
 
 
 
 
 
 
           

Alexandre Dumas groeit
op bij zijn moeder in het landelijke
Villers-Cotterêts en brengt
veel tijd door in de vrije natuur.
In zijn memoires
beschrijft hij zijn gelukkige jeugd en
verhaalt over zijn passie voor
lezen: 'Mijn leeslust leverde mij meer
trappen onder de kont op dan
lovende woorden'.
Na een onvoltooide schoolperiode
ontvangt hij verder
onderwijs van
een bevriend geestelijke
en de dorpsonderwijzer in latijn,
Italiaans, wiskunde en
schoonschrijven.

   
           


Handschrift van Dumas
   
           



         
       


Op zestienjarige leeftijd
wordt hij aangenomen als
notarisklerk,
maar via een rondreizend
toneelgezelschap
maakt hij kennis met de werken
van Shakespeare en
raakt daarvan zo
onder de indruk
dat hij besluit dramaturg
te worden.

   
         
       


Met enkele vrienden
ensceneert hij in het dorp
toneelvoorstellingen en brengt
zijn eerste probeersels op
de planken. In de
jaren 1820-1821 schrijft
hij samen met Adolph de
Leuven enige toneelstukken.
Na een kort bezoek
aan Parijs komt hij tot de
conclusie dat
daar zijn toekomst ligt.

   
                       

                           








 
Inleiding
Afstamming
Jeugd
Het begin als toneelschrijver
Het vervolg als romancier
Ballingschap
Terugkeer naar parijs
Reizen
De laatste jaren
Literaire kritiek
Verspreiding
Geraadpleegde literatuur

het
begin als
toneelschrijver

 
   
    In 1823 verhuist hij naar
Parijs en vindt een betrekking
als schrijver op het secretariaat van
Louis-Philippe , hertog
van Orléans.
Zijn dagelijkse
arbeidstaken verricht hij
in hoog tempo, de rest van de
dag besteedt hij aan
toneelschrijven, het lezen van Walter Scott
en Byron, of vertoeft achter de
coulissen van de
Comédie Français.

In 1823 schenkt zijn eerste maîtresse
Catherine Labay hem een zoon die
later als romancier in de voetsporen van
zijn vader zal treden
(Alexandre Dumas Fils).


   


   


Catherine
Labay



Alexandre
Dumas
père
27 jaar



 


Alexandre
Dumas
Fils
   
     
Na een gestrande poging
met Christine, een toneelstuk
over de Zweedse koningin in
ballingschap,
lukt het hem in 1827 eindelijk op
het grote toneel te debuteren.
De Comédie Français,
die zich tot dan toe alleen bezig hield
met de uitvoering van klassieke
drama's, brengt zijn stuk
'Henri III' op de planken.
Het stuk brengt op beeldende wijze
een historisch thema voor het
voetlicht: moord- en doodslag aan
het hof van Henri III.
Een werk dat qua vorm radicaal
breekt met de toneeltraditie
en in Frankrijk het begin inluidt van
een nieuwe beweging, het
realistisch-toneel.

   
   
    De duitse dichter
Johann Wolfgang von
Goethe woont in 1831
een voorstelling bij
van Henri III
en merkt op: 'het stuk is
voortreffelijk, maar onder mijn
directie had ik het
niet gewaagd het op
te voeren'.
   
   
            In deze tijd ontmoet Dumas
de actrice
Belle Kreilssamner.
Zij verzoekt hem om een
engagement in
een van zijn theaterstukken,
maar verkrijgt slechts
een verhouding.
Uit de kortstondige relatie
wordt een dochter
geboren, Marie Alexandre
Dumas (1831-1880)


       
                   
     
Vader en dochter in 1864

Marie Alexandre
verwierf tijdens haar leven enige
reputatie in de Kunst en de
Letteren.
Zij schreef verscheidene
romans, waarvan
er tenminste één
in Nederland is
verschenen: De Boeteling
(Au lit de mort, 1867).




De Boeteling van Alexandre Dumas Fille




       
 

Met het succes van 'Henri III' is de
naam Dumas in één klap
gevestigd. Door het financiële succes
kan hij breken met zijn
dienstbetrekking en leven van de
letteren. Het artistieke
succes maakt hem gevierd in
kunstenaarskringen, gefêteerd
door de maatschappelijke
bovenlaag en verafgood
door het publiek.
Intussen rebelleerde het Parijse
volk tegen koning Karel X.
Dumas mengt
zich onder de oproerlingen.
Deze herkennen hem
en vragen wat ze doen moeten:
'Barricades opwerpen'
antwoordt hij
'dat is zo de traditie'.
Op een cruciaal moment
weet Dumas zich
meester te maken van de
munitievoorraad van de
Nationale Garde en beïnvloedt
daarmee het verloop
van de opstand. Ten slotte
eindigt de republikeinse
revolutie met het
op de troon zetten van de
nieuwe 'burgerkoning',
de hertog van Orléans.

Na Henri III volgt een stroom van
toneelstukken die het
eerste succes zo mogelijk nog
overtreffen. Het eigentijdse
sociale drama
Antony beleefde in 1831 meer
dan 130 opvoeringen,
een unicum voor die tijd.

   
           
Een jaar later verschijnt
La Tour de Nesle,
dat hij samen met Gailardet
schrijft. Het stuk, dat
twee jaar lang op de
bühne staat, speelt in de
Middeleeuwen en verhaald van
verschrikkelijke misdaden
en een dramatische
ontknoping aan het Franse
hof van Lodewijk X.

Het in 1836 verschenen drama
Kean beschrijft de
lotgevallen van een tragische
acteur. Dit werk wordt in
1990 opnieuw tot leven gewekt in
een bewerking van
Jean-Paul Sartre.

Voor het overige zijn de
honderden toneelstukken van
Dumas in de vergetelheid geraakt.
In zijn proza leeft hij echter voort.

                                 

                               

het
vervolg
als
romancier

 

In de loop van de jaren dertig begint
het theater iets
van zijn magie te verliezen
en komt de literaire
feuilleton sterk in opmars
waarmee een massapubliek
wordt bereikt.
Dumas verlegt het accent
naar de romankunst en
wordt een belangrijke
vertegenwoordiger van de
Romantiek. Hij schrijft meeslepend
en ontpopt zich als een
meester van de dialoog.

 
Inleiding
Afstamming
Jeugd
Het begin als toneelschrijver
Het vervolg als romancier
Ballingschap
Terugkeer naar parijs
Reizen
De laatste jaren
Literaire kritiek
Vleegde literatuur

 
   
            Heinrich Heine zou later in een
brief aan Dumas schrijven:
'Sinds zes jaren ben ik bedlegerig.
Op het hoogtepunt van mijn
ziekte, wanneer
ik de grootste kwellingen
ondervond, las mijn vrouw voor uit
uw romans. Dat was het enige
dat mij de pijn kon doen vergeten'.
Heine beschouwde Dumas
na Cervantes en Sheherezade als
de meest onderhoudende
verteller aller tijden.

Maar ook voor de meer serieuze
geschiedschrijving bezit
Dumas talent, ook al neemt
hij het met de feiten niet altijd even
nauw. Zijn parool luidde:
'Het is toegestaan dat men de geschiedenis
verkracht, als zij maar een kind baart'.
Niettemin is de legendarische
historicus Augustin Thierry vol lof over
Gaule et France, een geschiedkundig werk
uit 1833. Een andere
geschiedenisautoriteit, Michelot,
roept uit: 'Dumas, ik heb u lief en bewonder u,
ik rangschik u onder de natuurkrachten'.

Tot 1840 schrijft Dumas zijn romans alleen.
De belangrijkste werken tot die
tijd zijn Acte, Le Capitaine Paul,
Aventures de John Davys,
Le Capitaine Pamphile, Maitre Adam
en Othon l'Archer.

   
           
   
                     

In 1840
vinden twee
belangrijke
gebeurtenissen
plaats, hij
treedt in het
huwelijk met de
actrice Ida Ferrier
en hij besluit
tot een
artistieke
verbintenis met
Auguste Maquet,
een jonge
geschiedenisleraar
met literaire
aspiraties.

           


   
Ida
Ferrier
   
     
   
      Maquet doet het historische
researchwerk, ontwerpt ruwe
schetsen of levert zelfs
complete manuscripten aan.
Dumas tovert het
monnikenwerk om
tot onsterfelijke boeken als

Les Trois Mousquetaires (1844)
Le Comte de Monte Cristo (1844-1845)
en de trilogie:
La Reine Margot (1845)
La Dame Moncoreau (1846)
Les quarante cinq (1848)

Er breekt een periode aan die de meest
productieve en succesvolle episode
van zijn carrière zal worden.


Auguste Maquet
           
   
                         
                         
            Het thema van De drie Musketiers
ontleent hij aan de in 1704 te
Amsterdam verschenen memoires van
d'Artagnan, een Frans musketier
die bij de slag om Maastricht om het
leven komt. Het boek is een
avonturenroman tegen de achtergrond
van politieke en persoonlijke
intriges van Lodewijk XIII, Anna
van Oostenrijk, Richelieu, Mazarin
en vele anderen.


     
           


       
           
oorspronkelijke memoires van
D'Atagnan, 1704

De Graaf van Monte Cristo is
geïnspireerd op een ware
gebeurtenis, opgetekend uit de
Parijse politie archieven.
Het verhaalt van
een onschuldig slachtoffer
dat, na een miraculeuze
ontsnapping uit de gevangenis,
op bloedstollende en
beklemmende wijze wraak
neemt op al degenen
die zijn noodlot
hebben bewerkstelligd. Een
wraakoefening die
tientallen jaren in beslag
neemt en zelfs tot in het
nageslacht wordt doorgevoerd.

De historische romantrilogie
behandelt de massamoord van
Catherina de Medici op
de Franse Hugenoten,
de intriges ten tijde van Hendrik III
en de waak op
de Hertog van Anjou.

     
   
   
     

In 1844, het jaar waarin de relatie
met Ida ten einde loopt,
verscheen ook nog
de roman Gabriel Lambert,
een werk dat in 1917 door
E. Du Perron in het
Nederlands wordt vertaald
en te Batavia in de
Preagerbode als feuilleton
wordt opgenomen.
Fred Batten , de biograaf van
het verzameld werk van Du Perron,
bezorgt in 1979 een
heruitgave.
Volgens Fred Batten is de
vertaling het schrijversdebuut
avant la lettre van
de zeventienjarige Du Perron
en is het is de getuigenis
van een levenslange voorkeur
en liefde voor de vertelkunst van
de oude Dumas.

Maquet was niet de enige medewerker
van Dumas. Tientallen andere
co-auteurs hebben aan het
immense werk van
Dumas bijgedragen. Dit leidde
soms tot strijdvragen
over het auteursrecht en
ontaardde zelfs
in processen, die overigens allen door
Dumas werden gewonnen.
Naijverig tijdgenoten hebben zijn
'schrijverfabriek' veelvuldig aangegrepen
om hem in een kwaad daglicht
te stellen en te beschuldigen
van plagiaat.
Merkbare invloed op zijn succes heeft
dit echter nooit gehad.

In 1848 sluit Dumas een ongekend
voordelig contract over de uitgeefrechten van
zijn werk. Hij verdient een
fortuin en bouwt even buiten Parijs
het sprookjesslot Château Monte Cristo.
Het wordt een pronkstuk van
stijlmengeling met een beeldengalerij in
de tuin van alle grote schrijvers.
Het barokke en overvloedige openingsfeest
wordt gevierd met 600 vrienden en
bekenden. Zijn oude liefde
voor het toneel bloeit weer op en hij richt
samen met Dumas Fils zijn eigen
schouwburg op, het Théâtre Historique.
Dit maakt aanvankelijk geweldige
opgang, doch raakt al spoedig
in de versukkeling.
De verliezen lopen zo hoog op dat het
na enige tijd weer gesloten wordt.



Château Monte Cristo,
thans museum



                         

                               

ballingschap

 
Inleiding
Afstamming
Jeugd
Het begin als toneelschrijver
Het vervolg als romancier
Ballingschap
Terugkeer naar parijs
Reizen
De laatste jaren
Literaire kritiek
Verspreiding
Geraadpleegde literatuur



Inmiddels is het politieke klimaat weer onrustig
geworden en breekt een nieuwe revolutie
uit waarbij Louis-Philippe, wordt
afgezet. Dumas laat zich
opnieuw niet onbetuigd en roept
het politieke tijdschrift 'Mois' in het leven. Hij
trekt het land door met republikeinse
verkiezingstoespraken. De opstand wordt
beslecht in het voordeel van de monarchie waarbij
de pas gekozen president Lodewijk-Napoleon
(neef van Napoleon I)
tot keizer Napoleon III wordt uitgeroepen .
De republikein Dumas acht het raadzaam in
ballingschap te gaan. Dit besluit
wordt verhaast (of misschien ingegeven)
door een dreigend bankroet. Door ijlings naar
België af te reizen hoopt hij zijn
schuldeisers te ontlopen. Samen met
andere politieke vluchtelingen, waaronder zijn vriend
Victor Hugo, verblijft hij
van 1851 tot ver in 1853 te Brussel.


   
                 
    Hier schrijft de nog maar net vijftigjarige Dumas
zijn omvangrijke Memoires.
Het is een werk van bijna 3.200 pagina's in
22 delen, vol beschouwingen en
anekdotes. En dan te bedenken dat hierin slechts
zijn leven wordt beschreven tot het
jaar 1833. In de Brusselse
periode verschijnen ook nog zes romans,
twee geschiedkundige werken, twee reisboeken
en beleven vier toneelstukken hun première.

W.F. Hermans, een groot bewonderaar van
Dumas, schrijft over deze
onvoorstelbare productiviteit: 'Dumas werkte soms
14 uur per dag en hield dat wekenlang vol;
hij vulde 20 pagina's per etmaal
nooit minder'.




Alexandre
Dumas
53 jaar


   
                         

                               


terugkeer
naar
parijs

 
In 1853 keert Dumas terug naar Parijs.
Zijn eerste wapenfeit is het oprichten van een
eigen dagblad, 'Le Mousequetair'.
Hij verzekert zich van literaire
medewerkers als Gérard de Nerval en
Octave Feuillet, maar ook zijn
voormalige tuinman Michel wordt één van
de medewerkers:
'Ik heb de juiste man gevonden' roept Dumas:
'Michel kan niet rekenen,
ik zal hem tot kassier benoemen'.

Het blad wordt aanvankelijk een groot
succes en heeft na korte tijd
een oplage 10.000.
Als feuilleton publiceert hij o.a. zijn
nieuwste roman Les Mohicans de Paris.
Het gemis aan rekenkunde van
de kassier doet zich
intussen nauwelijks gevoelen
want de kassa was altijd leeg. Het
gaat langzaam bergafwaarts
en in 1857 valt definitief het doek
voor 'Le Mousequetair'.
Het succes van de schrijver in Parijs
is tanende. Dumas besluit de
hoofdstad de rug toe te keren
en vertrekt naar Marseille.





Inleiding
Afstamming
Jeugd
Het begin als toneelschrijver
Het vervolg als romancier
Ballingschap
Terugkeer naar parijs
Reizen
De laatste jaren
Literaire kritiek
Verspreiding
Geraadpleegde literatuur
           


Le Mousquetaire, 1855
       
                         

                               

reizen

 
Inleiding
Afstamming
Jeugd
Het begin als toneelschrijver
Het vervolg als romancier
Ballingschap
Terugkeer naar parijs
Reizen
De laatste jaren
Literaire kritiek
Verspreiding
Geraadpleegde literatuur
    Na een kort verblijf als
toneelproducent in
Marseille onderneemt
hij reizen naar
België en Engeland,
Zwitserland
en Noord-Afrika.

Op zijn vele reizen heeft
Dumas ook Nederland
aangedaan.
In de biografie
Alexandere Dumas,
his life and works

(A.F. Davidson, 1902)
staat vermeld
dat Dumas van de
Nederlandse kroonprins
een complimenteuze
brief ontving, vergezeld
van enige door een
Nederlands
kunstenaar
vervaardigde taferelen
uit
de Drie Musketiers.
In antwoord hierop
bezoekt Dumas
het
inhuldigingsfeest - en naar
eigen
zeggen - niet als
journalist, maar als vriend.

In mei 1849 publiceerde
Dumas hierover brieven in
de Revue de Paris.
In deze correspondentie
beschrijft hij zijn 'Reis
naar Amsterdam' en
'De Krooning van den
Koning van Holland'.
Het artikel dat de kroning
beschrijft verscheen
nog in hetzelfde jaar in
Nederlandse vertaling
onder de titel
'De Inhuldiging van
Koning Willem III'
(Wijtingh en van der Haart,
Amsterdam).

In zijn roman 'Les Mille et
Une Fantômes' verhaalt
Dumas nogmaals over zijn|
Nederlandse avonturen.
De betreffende passages
zijn in Nederland in
1849 gepubliceerd in het
periodiek De Tijd onder
de titel 'Hoe Alexandre
Dumas naar Holland kwam'.

Naast de onophoudelijke
publicatiestroom van
nieuwe romans en
toneelstukken die van
zijn hand verschijnen,
vestigt hij in 1857
te Parijs het
literaire tijdschrift
Le Monte-Cristo, dat
met een onderbreking
van anderhalf jaar
wekelijks
zou verschijnen tot eind
1862. Dumas was
niet alleen de
uitgever maar ook de
enige redacteur. Het blad
wordt geheel door hem
zelf gevuld. Hij geraakt
weer tot grote welstand
door een contract over
zijn verzameld werk
bij de beroemde uitgever
Michel Lévy.
Daarop reist hij
af naar Rusland en
onderneemt een grote
trektocht naar de
Kaukasus (1858-1859).
Het reisverslag wordt als
feuilleton in
Le Monte-Cristo
gepubliceerd. De reis
wordt een ware triomftocht.
Overal waar hij verschijnt
worden door de
notabelen en het volk
welkomstfeesten geven.
            Na zijn trektocht door Rusland besluit Dumas
in 1860 Amerika te bezoeken.
Hij stelt een uitgelezen bemanning samen
voor zijn eigen zeiljacht Emma. Ook zijn
toenmalige maîtresse wordt - als
jongmaatje vermomd - ingescheept.
Tot de grote Odyssee zou het echter
nooit komen, hoewel hij pas vier
jaar later zou terugkeren naar Parijs.
Toen Dumas op weg naar Amerika
de haven van Genua aandeed,
vernam hij dat Garibaldi - de Italiaanse
vrijheidsstrijder - op het
punt stond Italië aan de greep van de
Bourbons te ontrukken.
Daarop besteed Dumas zijn
hele vermogen aan de
opbouw van het leger van Garibaldi,
en smaakt het genoegen als overwinnaar
in het paleis van de verdreven Bourbons
te trekken. De Bourbons, die vroeger zijn vader
hadden gevangen en gefolterd.

Naderhand benoemt
Garibaldi hem tot directeur van het
Museum der Schone Kunsten in Napels.
Hij leidt de opgravingen van Pompeji en richt
het dagblad L'Independente op.
Ook nu weer vult hij de krant van a tot z
met eigen bijdragen: politieke hoofdartikelen,
nieuws uit Rome, historische opstellen,
proclamaties, polemieken en
natuurlijk een feuilleton.
Met wat hij in zijn dagblad schreef
konden twintig kloeke boekdelen worden gevuld.
In dezelfde periode schrijft hij de
geschiedenis der Bourbons in elf delen,
de roman 'La San Felice' en de gedenkschriften
van Garibaldi. Als hij zich ten gunste
van de republiek afzet tegen de
nieuwe koning Victor Emanuel, keert het
volk van Napels zich van hem af.
Teleurgesteld keert Dumas daarop terug
naar Frankrijk.

         
                         
           


Dumas (tweede van links) en
Garibaldi (eerste van links)
na de Slag bij
Milazzo
       
     
         
                         

                               

de
laatste jaren


 



Inleiding
Afstamming
Jeugd
Het begin als toneelschrijver
Het vervolg als romancier
Ballingschap
Terugkeer naar parijs
Reizen
De laatste jaren
Literaire kritiek
Verspreiding
Geraadpleegde literatuur
 

In 1864 arriveert hij na
een achtdaagse reis
rond middernacht op het
station te Parijs.
Met zijn zoon
die hem opwacht,
begeeft hij zich naar zijn
vriend Théofiel Gautier,
verhaalt tot vier uur in de
ochtend over zijn
Italiaanse avonturen
en laat zich
eindelijk overreden
naar huis te gaan.
Wanneer zij na een
wandeling van twee
uren bij de woning
van de zoon aankomen
verlangt hij een lamp,
om verder te schrijven
aan de roman die hij
op dat moment onder
handen heeft.
De volgende dag betrekt
hij een tijdelijke woning
en voltooit de in
Italië begonnen werken die
hem zo veel geld
opbrengen dat hij verhuist
naar een fraaie villa.

     
                         
                                 
  Maîtresses komen
en gaan, soms
meerdere
tegelijk. Zijn zoon
die een keurig
burgermans
bestaan leidt,
maakt zijn vader
daarover verwijten.
'Ik moet wel',
protesteert Dumas
père, 'als ik er
slechts één zou
hebben, zou
ze binnen een
week dood zijn'.

Op vijfenzestig
jarige leeftijd
begint hij een
verhouding met de
zesendertig jarige
Adah Menken,
een erudiete en
beroemde
bohémienne.
Een foto van het
paar wordt in 1867
gepubliceerd en
verwekt veel
opschudding.














Alexandre
Dumas
en
zijn
maitresse
Adah
Menken
                         

   

 

Monument
voor
Alexandre
Dumas
van
Gustave
Doré
op
de
Place
Malesherbes
te
Parijs
Met het klimmen der jaren neemt ook
zijn productietempo af.
Wel maakt hij nog veel reizen
(Italië, België, Oostenrijk,
Duitsland en Frankrijk).
Hij verhuist opnieuw en trekt in bij zijn
dochter Marie Alexandre.
Hij koopt een oud theater en laat
daar zijn eigen stukken spelen.
Maar Parijs heeft een nieuwe passie,
operettes van Offenbach en Hervé,
cabaret en Bals Masqués zijn nu de trend.
In de literatuur maakt het
realisme opgang. Hij wijkt met
de voorstellingen uit naar de provincie,
waar zijn toneelgezelschap
Troup Dramatique d'Alexandre Dumas
nog wel bijval oogst, maar met
de grote roem is het gedaan.

De latere romans ontberen de
vlammende energie die zijn
vroegere meesterwerken
zo zeer kenmerkte.
Parisiens et Provincaux uit 1868
wordt de laatste hoeksteen van
zijn monumentale bouwwerk novellen
en romans.
Dumas was een culinair
liefhebber en zelf een virtuoos kok:
'Ik wil mijn literaire werk van
vijfhonderd boekdelen afsluiten met
tenminste één kookboek'
heeft hij vaak gezegd. Dit voornemen
krijgt vlak voor zijn dood
gestalte in Le Grand Dictionaire de
Cuisine, een kolossaal werk
vol bizarre recepten en merkwaardige
geschiedenissen.

De laatste maanden van zijn leven
brengt hij door in de huiselijke kring bij
zijn zoon in Dieppe, alwaar hij in
1870 sterft.
Op zijn sterfbed kijkt hij peinzend naar twee gouden munten
die op tafel liggen, de laatste van zijn miljoenenfortuin, en zegt tegen zijn zoon:
'Iedereen zegt altijd dat ik zo'n verspiller ben geweest...... maar zie hoe verkeerd
ik beoordeeld word. Toen ik voor het eerst in Parijs kwam had ik twee Louis d'Or
in mijn zak en kijk..... ik heb ze nog'.

In een brief aan George Sand schreef Dumas Fils later: 'Er zijn er maar drie in deze eeuw: u, Balzac en hij. Daarna komt er niemand meer en zal er ook nooit meer iemand komen'. Dumas wordt overeenkomstig zijn wens begraven in zijn geboorteplaats Villers-Cotterêts. In zijn tweehonderdste geboorte jaar valt hem postuum het hoogste Franse eerbetoon ten deel. Op last van de Franse president Jacues Chirac wordt Dumas in 2002 bijgezet in het Pantéon te Parijs.

 


                             

                           

literaire kritiek


Inleiding
Afstamming
Jeugd
Het begin als toneelschrijver
Het vervolg als romancier
Ballingschap
Terugkeer naar parijs
Reizen
De laatste jaren
Literaire kritiek
Verspreiding
Geraadpleegde literatuur
 

























De literaire kritiek is verdeeld
over het werk van
Dumas. De ene biograaf plaatst
hem in de rangen van
Balzac, Dickens, Tolstoi en
Hugo (André Maurois), de
ander rekent hem tot de lectuur
(Michael Ross).
In hedendaagse literaire
naslagwerken wordt hem
steevast verweten dat zijn werk
oppervlakkig is en dat
zijn karakters psychologische
diepgang missen.
Dumas-liefhebber Martin Ros
merkt op dat 'de verteller
de psycholoog verre overtreft,
hij heeft zich in de literatuur
gestort om er
net als zijn leven een
tweedimensionaal spektakel
van te maken, het
geheimzinnige driedimensionale
ontbreekt', maar ook dat
Dumas 'uitblinkt in een
virtuoze en gevarieerde stijl,
een ongeëvenaarde kwaliteit
bezit voor intriges en
dat zijn historische romans
meer theatrale allure bezitten
dan die van Walter Scott of
Victor Hugo'.

Vast staat dat zijn werk in
hoog aanzien
stond bij zijn tijdgenoten als
Hugo, Heine en Goethe.
De meest gezag hebbende
literaire criticus van de
negentiende eeuw,
C.A. Sainte-Beuve geeft Dumas
de voorkeur boven Balzac.
Ook W.F. Hermans rekent
hem als een van de
grondleggers van de Franse
Romantiek tot de ware
literatuur: 'Dumas was een echt
schrijver die zich
zonder scrupules toelegde
op de amusementsindustrie'.
In de nieuwste vertaling
van 'De Drie Musketiers'
(Pandora, 1996) schrijft de
vertaler C.J. Kelk:
'Alexandre Dumas, de schrijver
van dit omvangrijke boek,
waarvan miljoenen genoten
hebben, dat in alle talen
is vertaald en dat volgens onze
Louis Couperus de enige
roman is die na honderd jaar
nog gelezen zal worden,
is een geheel op zich zelf
staande figuur in de letterkunde.
Hij is zo wel een man
van de pen geweest als
een man van de daad en zijns
gelijke laat zich nergens
vinden'.

Hoezeer Dumas tot de
verbeelding spreekt moge wel
blijken uit het feit dat de
biografische werken die over
hem zijn verschenen een
bibliotheek vullen van meer dan
2.000 delen
.


     
               

                               

verspreiding

 
Inleiding
Afstamming
Jeugd
Het begin als toneelschrijver
Het vervolg als romancier
Ballingschap
Terugkeer naar parijs
Reizen
De laatste jaren
Literaire kritiek
Verspreiding
Geraadpleegde literatuur
    Dumas was niet
alleen in
Frankrijk zeer
geliefd maar ook
in het buitenland.
Velen van zijn
romans werden
kort na het
verschijnen
vertaald
en beleefde
internationale
successen.

Een aantal van
zijn beroemdste
werken worden
nu al meer dan
150 jaar over
de hele wereld
steeds weer
opnieuw uitgegeven.
Naast uiteraard
in Frankrijk, werd
ook in het Duitse
en Angelsaksische
taalgebied het
complete werk
van Dumas in de
negentiende eeuw
meerdere malen
uitgegeven. In vele
talen verschijnen
met regelmaat
nieuwe uitgaven.
Op dit moment zijn
enige tientallen
titels in het Duits
en Engels
verkrijgbaar.

In vergelijking
daarmee is
de verspreiding in
het Nederlands
minder groots
verlopen.
Dumas dankt zijn
huidige bekendheid
in Nederland
voornamelijk aan
een handje vol
bestsellers, waarvan
de bekendste
wel zijn:

-De Drie Musketiers
-De Graaf de
.Monte-Cristo
-De zwarte tulp
-De Parijse
.Bloedbruiloft

Toch zijn ook hier
- voornamelijk in de
19de eeuw - meer
dan 80 verschillende
titels uitgebracht.
Een feit dat in het
hedendaagse
Nederland in de
vergetelheid is
geraakt.

 
                  e-mail: menno@walsweer.eu


Menno
Walsweer
Velp
© 1997 - 2009
 
                         
                         

                               

.......geraadpleegde literatuur:


  • André Maurois,
    Die Drei Dumas,
    Claasen Hamburg 1957
  • Arthur F. Davidson,
    Alexandre Dumas, his life and works
    Lippincott Philadelphia 1902
  • C.J. Kelk, inleiding
    De Drie Musketiers,
    Pandora 1996
  • Michael Ross,
    Alexandre Dumas,
    David & Charles London 1981
  • Fred Batten,
    inleiding Gabriel Lambert,
    Reflex Utrecht 1979
  • Prof. Dr. P. Geyl
    Franse Figuren,
    Wereldbibliotheek
    Amsterdam 1960
  • Mathias Oehme
    nawoord Die Dame mit dem Samthalsband,
    Eulenspiegel Belin 1988
  • Martin Ros,
    nawoord De Parijse Bloedbruiloft,
    Bigot & van Rossum Baarn
  • Willem Frederik Hermans,
    Literair Paspoort 1951
  • Eckermann,
    Gesprekken met Goethe,
    Privé-Domein, AP, Amsterdam

   
Inleiding
Afstamming
Jeugd
Het begin als toneelschrijver
Het vervolg als romancier
Ballingschap
Terugkeer naar parijs
Reizen
De laatste jaren
Literaire kritiek
Verspreiding
Geraadpleegde literatuur